Dichtersmiddag
Temidden van de chaos die het Leidseplein omringt
Zingt de poezie zijn lied
Onder leiding van de maestro die het peinzend overziet
En stil geniet van het moment
Als ten gehore wordt gebracht wat ijverig is neergepend
Niemand wordt miskend, beschimpt of weggehoond
Elke voordracht wordt beloond
In dit cafe dat wordt bewoond
Door de dichterlijke vrijheid die uitbundig wordt benut
Uit vele bronnen wordt geput
Maar uit de tap toch wel het meest
De één leest voor, de ander maant de luisteraar tot gezang
Maar ongeacht de vorm maakt niemand het te lang
Want daarin ligt een wezenlijk gevaar verscholen(noem het zachte dwang)
Iedereen is bang voor Patrick en zijn koffiemolen
Publiek en piano worden om en om bespeeld
Gerstenat en aandacht min of meer gelijk verdeeld
Zo'n inspirerend beeld ziet men ook niet alle dagen
De tijdloze sfeer kan een ieder behagen
Als dit het "mooie dag" syndroom is valt er niks te klagen
Het regent romantiek van onder Miekes paraplu
Leven is toch leven nu?
En naderhand gaan we wat eten
In de verte gromt een man, van pure razernij bezeten
Martin lacht ons cynisch toe, hij is ons niet vergeten
Het barst van de poëten, maar geeneen is er verwaand
De befaamde derde zondag van de maand.